misdaad en straf

Het dramatische lot van wereldkampioene Inga Artamonova (1936-1966), de populairste schaatsster van de USSR.

(Eerste publicatie: 23-5-2013)

Inga Artamonova schaatsen moord vermoord Rusland

Op het ijs was ze de gratie zelve, volle stadions waren haar podium, met een glimlach reeg ze wereldtitels aaneen. Geen schaatsster in de Sovjetunie sprak zo tot de verbeelding als Inga Artamonova. In 1966 werd ze, nog geen dertig jaar oud, in Moskou vermoord.

Kijkt u om te beginnen even naar Artamonova op skeelers, op het tweede filmpje hieronder Vanaf 18.45 rijdt ze weg, in kleur, op een paadje bij het Moskouse Loezjniki stadion. En kijk op het eerste filmpje (vanaf 13.34) hoe oud-ploeggenote Nadezjda Titova nog altijd in vervoering raakt van Artamonova’s stijl. “Ze reed heel mooi. Het was een buitengewoon schouwspel. Ze had zo’n slag, met van die lange benen! Hoe ze afzette! Gewoon zo bijzonder!” 

Inga Artamonova mag een geboren schaatstalent zijn geweest, haar eerste liefde was roeien. Ze behaalde titels bij de jeugd, maar schakelde op zeventienjarige leeftijd over op schaatsen. Trainers zagen niets in haar, ze vonden haar al te oud en in haar lengte zag men indertijd een handicap. Met hulp van haar roeitrainer Pavel Sanin weet ze zich toch in te schrijven voor wedstrijden. Anderhalf jaar later debuteert ze op de nationale kampioenschappen, een jaar later, in 1956, wint ze goud, weer een jaar later wordt ze in het Finse Imatra wereldkampioene. Ze is dan twintig jaar.

Inga Artamonova

In het eerste filmpje vertelt Artamonova (vanaf 16.16) dat ze hard aan het trainen is voor het volgende WK in het Zweedse Kristinehamn. Ze wordt er opnieuw wereldkampioene, maar uiteindelijk wordt die reis naar Zweden haar, indirect, fataal. Ze wordt verliefd op een Zweedse zakenman, die aandringt op een huwelijk. Uiteraard blijft dat niet onopgemerkt bij de KGB, die haar waarschuwt: kiest ze voor die buitenlander, dan zal haar familie daaronder lijden. Artamanova verbreekt de relatie.

Inga krijgt een kamer aangeboden in een tweekamerflat. De bewoner van de andere kamer is schaatser Gennadi Voronin, net als Inga lid van sportclub Dinamo. Gearrangeerd of niet, het komt tot een ideologisch geheel verantwoord huwelijk tussen beiden. Gelukkig is het huwelijk echter niet. Voronin wordt al snel uit de kernploeg gezet wegens ‘herhaalde schendingen van het regime’, wat in gewoon Russisch betekent: drinken. Artamonova beseft dat ze een verkeerde keuze heeft gemaakt, maar zit klem: scheiden betekent dat ze, als alleenstaande vrouw met een brandmerk (haar Zweedse affaire), waarschijnlijk niet meer naar het buitenland mag. Ze schikt zich voorlopig in haar lot.

Gennadi Voronin

Gennadi Voronin

De privé-perikelen zijn van invloed op Inga’s prestaties. In 1959 verspeelt ze haar wereldtitel aan Tamara Rylova en ze mist de Olympische Winterspelen van 1960. Twee jaar later is ze weer helemaal terug. Op de nationale kampioenschappen in Alma Ata rijdt ze op drie afstanden een wereldrecord. Op het WK in het Finse Imatra herovert ze de wereldtitel. Ziekte staat deelname aan de Winterspelen van 1964 in de weg, maar een jaar later wordt ze in het Finse Oulu voor de vierde keer wereldkampioene. (In het tweede filmpje op 19.53 het podium: rechts Stien Kaiser, die derde werd.)

Met echtgenoot Voronin gaat het van kwaad tot erger. Behalve drank is er ook fysiek geweld in het spel en Artamonova besluit eind 1965 toch te scheiden. Rond de jaarwisseling verblijft ze bij haar moeder, waar op 4 januari 1966 Voronin voor de deur staat. Wat eerst nog lijkt op een zoveelste gesprek, eindigt in een drama. Voronin heeft een mes bij zich en steekt Inga dood.

Inga Artamonova wordt begraven op Vagankovo kerkhof. Voor Gennadi Voronin dreigt de doodstraf, maar de aanklacht (aanvankelijk moord met voorbedachte rade) wordt afgezwakt en met tien jaar, die hij niet volledig hoeft uit te zitten, komt hij er zeer genadig vanaf. Ploeggenote Nadezjda Titova is er nog altijd verbitterd over. Ze weet het zeker – en heeft vermoedelijk gelijk: Voronin heeft de milde straf te danken aan invloedrijke figuren binnen de Dinamo-gemeenschap. De sportclub is gelieerd aan Binnenlandse Zaken en de KGB. “Een mannenmachine”, aldus Titova. Gennadi Voronin overlijdt in 2004 op 69-jarige leeftijd.

Bovenstaand  verhaal is vrijwel volledig gebaseerd op de documentaire die hierboven in de twee filmpjes te zien is. Nog enkele opvallende fragmenten daaruit:

Eerste filmpje.

08.50  - Mooie prijzenkast van Inga.
10.48  - Een dramatische wissel, maar ze wint wel de rit.
15.51  - Voor het Loezjniki stadion. Wat een ijsbaan!

Tweede filmpje.

07.53  - Schaatsers vervoeren in een arreslee is geen Friese uitvinding.
08.25  - Schaatslegende Marija Isakova! (Zie mijn eerdere stukje over het schilderij “Stilleven met medailles van wereldkampioene M. Isakova”.) 

(Een stukje over een andere schaatsmoord, op Jevgeni Lapoetin, vindt u hier.) 

De moord op Jevgeni Lapoetin – schaatser, schrijver, plastisch chirurg. “Ik wilde die operatie!”

(Eerste publicatie: 12-5-2013

Jevgeni Lapoetin

Jevgeni Lapoetin

Je bent een talentvol schaatser, dringt door tot de kernploeg van de USSR, maar de echte top haal je niet. Je wordt redacteur van een literair tijdschrift en schrijft ook zelf boeken, je wordt plastisch chirurg van de Moskouse jetset, presenteert een tv-programma en je wordt in  Moskou op straat vermoord. Zie hier, enigszins verkort, het leven van Jevgeni Lapoetin (1958-2005).  

Ik las over Lapoetin in het boek van Aleksej Motorov, De jonge jaren van verpleger Morozov, dat ik in mijn vorige stukje besprak. Motorov beschrijft hoe hij de zomers van zijn jeugd doorbracht in Poesjtsjino, niet ver van Moskou. In de zomer van 1977 is er veel afleiding in het stadje: regisseur Nikita Michalkov is er neergestreken voor opnames van zijn film Onvoltooid stuk voor mechanische piano. Ook heeft de schaatsploeg van de USSR er zijn tenten opgeslagen.

De jonge Motorov hoort hoe een schaatser op zijn kop krijgt van de trainer. “Je trekt je linkerbeen niet goed bij!” Dan struikelt Motorov over een paar sportschoenen. Een schaatser, op skeelers, helpt hem overeind. Met zijn ploeggenoten was hij aan het trainen op het asfalt van Poesjtsjino, waar in die jaren nog maar weinig verkeer is. Het waren zijn sportschoenen, daar langs de kant van de weg. 

Motorov Lapoetin moord kernploeg schaatsen

Motorov komt Jevgeni Lapoetin – hij was het die hem overeind hielp - jaren later weer tegen in het ziekenhuis waar hij dan werkt. Jevgeni is chirurg geworden en schrijft romans. Motorov en Lapoetin raken bevriend, al scheiden hun wegen weer. In Motorovs boek duikt de oud-schaatser honderd pagina’s later weer op. In 2005 komen er voor zijn huis in Moskou twee mannen op skeelers op hem afgereden. Ze steken Lapoetin dood en gaan ervandoor.

Daar keek ik van op. Ik ben een sportliefhebber, en van Rusland weet ik ook wel wat, maar van een vermoorde Russische schaatser had ik niet eerder gehoord. Was het fictie? Was het waar gebeurd?

Het was waar gebeurd. Met een duwtje van schaatshistoricus Marnix Koolhaas belandde ik bij Lapoetins schaatsgegevens. Met 41,05 op de 500 meter als PR (Medeo, 28-03-1977) was hij geen hoogvlieger. Als literair redacteur en romanschrijver deed hij nog van zich spreken (de titels van zijn boeken zeggen mij niks), maar echt succes kreeg hij als plastisch chirurg, een beroep waarmee je in Moskou, die stad met zo veel fout geld, goud kan verdienen. Bekende actrices en politici behoorden tot zijn klanten.

De moord op Lapoetin – inderdaad uitgevoerd door mannen op skeelers – is nooit opgelost. Mogelijke motieven die ik tegenkwam in de Russische pers:

- Een zakelijk conflict (Lapoetin was net vertrokken bij een kliniek en was een eigen bedrijf begonnen.)
- Een conflict met de co-presentator van een tv-show (“Het is Rybakin!”, zouden Lapoetins laatste woorden zijn geweest.
- Lapoetin zou bezig zijn geweest met een ‘stamcellencrème’. (“En dan heb je het over miljoenen”.)
- Lapoetin zou een gangster een nieuw gezicht hebben gegeven en daarover zijn mond voorbij hebben gepraat. 
- Wraak van een patiënt wegens een mislukte operatie.
- Wraak van een gedumpte echtgenoot, vriendin of minnares.

Die laatste variant lijkt me niet waarschijnlijk, maar levert wel de mooiste teksten op. (“Ik was op slag verliefd op hem, zoals veel van zijn patiëntes. Hij raadde me af om onder het mes te gaan, maar ik leidde hem letterlijk bij zijn arm naar de operatiekamer. Ik wilde die operatie!”)

Een enkele krant meldt trouwens nog dat de moord werd gepleegd met een scalpel, maar dat heb ik nergens bevestigd gekregen. 

Motorov beschrijft in De jonge jaren van verpleger Parovozov ook nog een incident in Poesjtsjino. Op een dansavond daar wordt een van de schaatsers uit de kernploeg door iemand met een koekenpan op z'n hoofd geslagen. Motorov noemt het slachtoffer een “wereldrecordhouder”. Volgens Marnix Koolhaas moet het dan gaan om Jevgeni Koelikov of Viktor Ljosjkin, die toen het wereldrecord bezaten op respectievelijk de 500 meter en de 10 kilometer. De fysieke gevolgen voor Koelikov dan wel Ljsosjkin laat Motorov onvermeld - dus het zal allemaal wel zijn meegevallen. 

(Marnix wees me ook nog op viervoudig wereldkampioene Inga Artamonova, die in 1966 vermoord werd door haar echtgenoot. Dat is misschien iets voor een volgend stukje.) 

Hoe ik oplichter Boris Abarov leerde kennen en met kalasjnikovs in de trein zat - 3

(Eerste publicatie: 14-10-2011)

Ter afsluiting van mijn stukjes over soldaat Boris en soldaat Felix wat herinneringen van direct betrokkenen. (Deel 1 en 2 vindt u hier en hier.)

Dini Bangma (ze werkt nog altijd bij de VPRO) mailde me dat het met die uniformen helemaal niet zo makkelijk was gegaan. Ze kocht er vier bij een legerdump en maakte daar twee passende exemplaren uit, wat gezien het verschillende postuur van beide heren nog knap lastig was. Op de rommelmarkt kocht ze wat Russische parafernalia om het af te maken. “Het wonderlijke was dat Felix en Boris zoooo overtuigend waren in hun uniformen, dat niemand de herkomst ervan in twijfel trok.”  

Felix Kaplan: “Ik heb in het Sovjet-leger gezeten. De verschrikkelijkste tijd van mijn leven. Maar nu was ik een acteur. De enige keer dat ik me als soldaat gedroeg, was in Eindhoven. Er kwam politie op ons af. Toen heb ik de kalasjnikovs uit elkaar gehaald, om te laten zien dat je er niet mee kon schieten. In Antwerpen was er iemand die de kalasjnikovs wilden kopen. En er was ook iemand die begon te schreeuwen: ‘Als ik zo op het Rode Plein loop, word ik naar Siberië gestuurd!’ Hij liep op een agent af, maar die zat in het complot en draaide zich om. De man pakte de agent bij de schouder, draaide hem terug en riep: ‘Ze lopen hier met geweren!’ Ik heb me regelmatig verscholen achter m’n grote pet. We moesten zó lachten!”

Radiomaker Philippe Scheltema: “Het idee ontstond na een brainstorming met Hylke Tromp, toen hoogleraar Polemologie: ‘Hoe zetten we het koude-oorlogscliché van de Sovjet-dreiging zó neer dat het publiek er zich direct mee geconfronteerd voelt en reageert’.” Volgens Philippe verloren Felix en Boris die doelstelling nogal eens uit het oog en gooiden er dan een beetje met de pet naar. “Dat gaf problemen bij de montages, het was soms een heksentoer om er een samenhangend verhaal van te maken. Hilarisch was de reactie van de Sovjet-ambassadeur. Die dreigde onze visumaanvragen af te wijzen.” 

Het bezoek aan Den Helder (zonder wapens, maar met een lege camera + gigantische telelens op de buik van Boris) eindigde op het bureau. Nadat een gepensioneerde marineman (!) de soldaten vriendelijk de weg richting haven had gewezen, ontstond er een opstootje. Philippe: “Een hysterische jonge vrouw waarschuwde de politie en De Telegraaf. De Militaire Inlichtingen Dienst werd er nog bijgehaald. Die haalden hun schouders op en vertrokken, zonder zelfs maar vragen te stellen. MISLUKTE GRAP VPRO, kopte De Telegraaf.”   

En dan Boris Abarov, de charmeur die iedereen moeiteloos om zijn vingers wond. Zijn naam kwam ik jaren later pas weer tegen in het boek Meesters, marodeurs van Hella Rottenberg. De Volkskrant-journaliste doet daarin nauwgezet uit de doeken hoe er op gewetenloze wijze gesold was met de nalatenschap van kunstverzamelaar Nikolaj Chardzjiëv, die in 1996 op 92-jarige leeftijd in Amsterdam overleed.

De collectie van Chardzjiëv, een verwoed collectioneur van Russische avantgarde, was vele miljoenen waard. In samenwerking met een Nederlands notariskantoor werd de nalatenschap door Abarov geplunderd. Aan een schimmige deal met de stichting die de collectie diende te beheren, hield de Russische emigrant (die ten tijde van zijn acteurswerk voor de VPRO de eindjes maar moeizaam aan elkaar knoopte) uiteindelijk miljoenen over, en ook de flat van Chardzjiëv in Moskou.

Zeven maanden voor de dood van Chardzjiëv was diens vrouw, Lidia Tsjaga, overleden na een val in hun Amsterdamse woning. Artikelen in de Russische pers wijzen met een beschuldigende vinger naar Abarov. Bewijzen voor moord of doodslag zijn er echter niet en tot een rechtszaak is het nooit gekomen.

Abarov vertrok naar Moskou, waar hij zijn vak van acteur weer oppakte. Ook als zanger is hij actief (u kunt hem hier [linkje werkt niet meer] horen). Of onderstaande foto in de flat van Chardzjiëv is gemaakt, weet ik niet.

Hoe ik oplichter Boris Abarov leerde kennen en met kalasjnikovs in de trein zat - 2

(Eerste publicatie: 12-10-2011)

download (3).jpg

Zo arriveerden Boris Abarov en Felix Kaplan, verkleed als Sovjet-soldaten, mét kalasjnikov over de schouder, in Antwerpen. De paus werd rond die dagen ook in de stad verwacht en de autoriteiten waren daardoor wat zenuwachtig. Voor de zekerheid liep een agent in burger mee, wat wel handig bleek. We hadden nog geen twee stappen gezet of daar stopte een politie-auto. Twee agenten sprongen naar buiten, maar werden door onze stille gerustgesteld.

Het effect van twee Sovjet-soldaten in de straten bleek boven verwachting, net als bij eerdere  opnames in Nederland. Of het nu op de lapjesmarkt in Utrecht was of op het Zeeuwse strand, hun verhaal ging er in als koek. Ze waren, zo vertelden Boris en Felix bereidwillig, na een legeroefening in Oost-Berlijn per ongeluk op de trein naar West-Berlijn gestapt en vandaar verder gereden, en nu maakten ze van de gelegenheid gebruik om maar eens een beetje rond te kijken. Vragen als (in Zeeland): “Kunnen er duikboten onder die dam door?” werden vriendelijk beantwoord. Dat ze redelijk Nederlands spraken, zelfs dat zorgde niet voor argwaan. “Ja, dat hebben ze natuurlijk in het Russische leger, prima taallessen”, hoorde ik iemand zeggen. Alleen bij de marinehaven in Den Helder – ik was er niet bij die dag - daar ging het mis. De alerte politie pakte de VPRO-ploeg op, waaraan door De Telegraaf nog een berichtje werd gewijd.

In Antwerpen werd het opeens pijnlijk. Een vrouw van een jaar of zeventig stapte op onze vrienden af. Het bleek een Russin. Mogelijk was zij in de oorlog in Duitsland beland en daarna met een Belgische dwangarbeider getrouwd. Hoe dan ook, de vrouw raakte hevig ontroerd bij het zien van haar ‘landgenoten’ in Sovjetuniform. Ze smeekte hen om mee te komen voor een kopje thee. Ik weet niet meer hoe we – het klinkt onvriendelijk – van haar af zijn gekomen, maar we waren er allemaal een beetje ontdaan van.

Het doel van de verkleedpartij was serieus: radiomaker Philippe Scheltema wilde achterhalen hoe vijandig of niet-vijandig de Nederlandse/Belgische man-in-de-straat stond tegenover het Oostblok, en dan met name tegenover de USSR. Dat bleek vooral niet-vijandig te zijn. Of het door de uniformen kwam of niet, vooral werd door de omstanders de rol van Rusland in de Tweede Wereldoorlog benadrukt. Het krediet dat de Sovjetunie daarmee had opgebouwd, bleek veertig jaar later nog lang niet opgesoupeerd.

Helaas kan ik me de diverse reacties niet meer gedetailleerd herinneren. Ik ga bij de VPRO eens informeren wat er in de archieven nog is terug te vinden van de avonturen van soldaat Boris en soldaat Felix. Dat moet een mooi tijdbeeld opleveren. Wat ik me nog wel kan herinneren is de slotzin van een bedankbriefje dat ik schreef aan de behulpzame politie van Hilversum, die ons een vergunning voor het wapenvervoer had verstrekt: “Volgend jaar hopen wij met een T34-tank voor de poorten van Den Briel te verschijnen. Mogen wij dan weer op uw hulp rekenen?”

Boris Abarov en Felix Kaplan verdwenen van mijn radar. Abarov kwam plots weer bovendrijven, toen ik in 1999 het boek Meesters, marodeurs - De lotgevallen van de collectie Chardzjiëv van Hella Rottenberg las. Zij noemt hem daarin een Russische schelm, een kleine mafioso, die geen last heeft van zijn geweten.

Hier deel 1 en deel 3.

Hoe ik oplichter Boris Abarov leerde kennen en met kalasjnikovs in de trein zat - 1

(Eerste publicatie: 9-10-2011)

Bent u wel eens met twee kalasjnikovs in uw tas de trein ingestapt? Ik wel.

Dat zat zo. Het was 1985 en ik werkte als freelancer bij de VPRO radio. Onder leiding van Philippe Scheltema maakte ik, samen ook met Joanka Prakken, een half uurtje radio. Ons programma heette Euroburo, een knipoog naar het in die tijd nog veelgehoorde woord politburo. Euroburo ging over Oost-Europa en moest – zo zag Philippe Scheltema dat -  een bijdrage leveren aan de ontspanning tussen Oost en West.

Nederland ging, wat de Sovjetunie betrof, volgens Philippe gebukt onder een grimmig vijandsbeeld. Om daar wat aan te kunnen doen, moest je eerst dat beeld duidelijk naar boven krijgen. Daar had Philippe het volgende op gevonden: je stuurt twee Russische emigranten de straat op verkleed als Sovjet-soldaten en registreert de reacties van de voorbijgangers.

Een mooi plan. De emigranten waren snel gevonden (toneelregisseur Boris Abarov en tennisleraar/schrijver Felix Kaplan) en ook het uniform was geen probleem. Maar er ontbrak nog iets. Kalasjnikovs! Twee Sovjet-soldaten in een winkelstraat met een kalasjnikov over de schouder, dan zou je de mensen pas echt aan het praten krijgen! Waar we die dingen vandaan hebben gehaald, weet ik niet meer, maar op een gegeven moment stonden er bij de VPRO twee kalasjnikovs in de kast. Ik zeg het maar meteen: namaak, maar wel zo gelijkend op echte dat we er een politievergunning voor moesten aanvragen. Je kon er niet mee schieten, maar wel mee dreigen.

De opnames waren steeds op zaterdag. Ik nam dan de wapens op vrijdag mee naar huis, om daarmee de volgende ochtend richting verzamelpunt te reizen. En zo zat ik op een mooie ochtend in de trein van Utrecht CS naar Amsterdam Amstel, met in mijn groene sporttas twee echte namaak-kalasjnikovs. Op Amstel verzamelden we, we gingen die dag met Felix en Boris straatopnames maken in Antwerpen.

Philippe Scheltema, Boris Abarov, Felix Kaplan, ondergetekende

Philippe Scheltema, Boris Abarov, Felix Kaplan, ondergetekende

Hier deel 2 en deel 3.

Dedovstsjina - geweld in het Russische leger. Vermoorde slachtoffers vertellen hun verhaal.

(Eerste publicatie: 24-3-2011)

Jevgeni SjamoechinIk ben zwaar mishandeld door mijn mededienstplichtige Revjakin. Hij bracht me slagen toe op m’n hoofd, hij luisterde niet naar mijn gesmeek om te stoppen, net zolang tot ik bewusteloos raakte. Op 19 mei 2008 overleed ik in het ziekenhuis aan mijn verwondingen, zonder bij bewustzijn te zijn gekomen.

Marat Gizatoellin: Na zeven maanden dienst werd mijn ouders meegedeeld dat ik uit het legeronderdeel was verdwenen, maar niemand kon de precieze datum van mijn ‘verdwijning’ noemen. Op 12 april 2006 kwam bij het militair kantoor de mededeling binnen dat ik de avond ervoor niet ver van het onderdeel was gevonden, hangend in een strop. Mijn ouders hebben de kist geopend die uit het onderdeel was gearriveerd en raakten in shock – ze zagen dat ik zwaar was mishandeld. Mijn jongste broer Vadim is na mijn dood op zijn 17de jaar in een paar dagen grijs geworden.

Jaarlijks komen honderden Russische soldaten om door geweld binnen het leger. Duizenden raken gewond. Concrete cijfers worden niet meer gegeven. Vanaf 2004 publiceerde het ministerie van Defensie op zijn site maandelijks een rapport over het aantal omgekomen militairen en ook over het aantal misdaden binnen het leger. In 2009 kwamen tot en met oktober 297 militairen om het leven, waarvan 149 door zelfmoord. Vanaf november werden geen nieuwe cijfers gegeven, in 2010 werd de pagina van de site verwijderd.

De meeste doden zijn het slachtoffer van dedovsjtsjina, een moeilijk te vertalen woord. Het is een soort permanente ontgroening met veel geweld. Er zijn filmpjes van te vinden, die u beter niet kunt bekijken. Ze zijn verschrikkelijk. Veel soldaten vluchten voor de vernedering en het geweld in zelfmoord.

De nabestaanden kunnen een beroep doen op het fonds Moederrecht. Dat helpt bij strafzaken tegen de daders en probeert schadevergoedingen te regelen. Een recent initiatief van het fonds heeft veel aandacht gekregen. Op de site odnoklasniki.ru (een mengeling van hyves en schoolbank) hebben een aantal vermoorde soldaten een account gekregen – met instemming van de nabestaanden. Daar vertellen ze in de ik-persoon wat hun is overkomen. Lezers kunnen reageren. “Zo blijven de jongens, die tussen hun 18de en 20ste zijn omgekomen, leven in de virtuele ruimte”, aldus het fonds.




Denis Galejev: 12 maart 2007 ben ik omgekomen. De militairen deelden mijn mama mee dat ik zelfmoord had gepleegd – me had opgehangen. Maar mama geloofde dat niet. Ik wilde officier worden. Toen ik thuis was bezorgd, bekeek ze mijn lichaam en zag ze een rafelige wond op mijn arm en schaafwonden op m’n lichaam. De zaak over mijn dood is meerdere malen gesloten en heropend.

Vorige week maakte de militair procureur-generaal Sergej Fridinski bekend dat het aantal misdaden met geweld in het leger in 2010 in vergelijking met 2009 met 18 procent is gestegen. De cijfers hebben niet alleen betrekking op de dedovshina, een term die Fridinski overigens niet gebruikt. Mensenrechtenorganisaties doen dat liever ook niet, de term werkt volgens hen versluierend. Het betreft hier niets minder dan harde criminaliteit in een omgeving waar de zwakkeren op geen enkele bescherming kunnen rekenen.

Fridinski doet een poging om het geweld te verklaren. Rusland kent een dienstplicht en de problemen van de maatschappij komen daardoor het leger binnen. Ook letten veel officieren niet op de discipline. Waarmee mij nog niet verklaard lijkt waarom de ene soldaat de andere doodslaat.

Denis Zjarikov: Onze commandant van het onderdeel, kolonel Stolba, die had gedronken, schoot me met een Kalasjnikov in m’n hals, in zijn werkkamer, waar een dienstgenoot bij was. Zo maar. Omdat ‘ie dronken was.

Aleksandr Listjev: 15 juni 2009 ben ik omgekomen. Mijn mama en vrouw zeiden ze dat ik zelfmoord had gepleegd - me had opgehangen. Maar dat geloofden ze niet. Mijn kameraden die zijn afgezwaaid, zwijgen. De forensisch deskundige die foto’s van mijn lichaam heeft bekeken, zei dat ik acht steekwonden had, toegebracht terwijl ik nog leefde. Maar hij weigerde een officiële verklaring te tekenen. God is zijn rechter. Het belangrijkste is dat mijn naasten weten dat ik geen zelfmoordenaar ben.

Om de accounts van de vermoorde soldaten op odnoklasniki te zien, moet u zich eerst aanmelden. Zonder aan te melden kunt u hier ook een selectie zien.

Advocaat Kaminskaja en bard Joeli Kim: dezelfde mitrailleur?

(Eerste publicatie: 1-2-2010)

Dina Kaminskaja, ik schreef al eerder over haar en haar boek Aantekeningen van een advocaat. In januari 1968 verdedigt zij dissident Joeri Galanskov. De stemming in de Moskouse rechtszaal, gevuld met een door de KGB geselecteerd publiek, is vijandig. In de pauze ziet Kaminskaja buiten, waar het bijna 30 graden vriest, een groep sympathisanten staan, omringd door agenten. “Zij komen naar deze zwijgende demonstraties van proces naar proces, totdat ze zelf naar de rechtbank worden gebracht”. Achter haar hoort ze iemand over de sympathisanten zeggen: “Een mitrailleur, en ze dan allemaal zo in één keer…” Er wordt gelachen. Het is dat fijne publiek uit de rechtszaal.

Kaminskaja schrijft dat er een lied over dat proces is gemaakt, “door een bekende Moskouse bard”. Dat was snel gevonden. Het is van Joeli Kim, uit 1968, en heet Immitatie van V. Vysotski. (Ik ben onvoldoende thuis in het repertoire van Vysotski om die titel te duiden.). Opvallend is de eerste regel: De vorst kraakt, als een mitrailleur boven het slagveld.

Die mitrailleur… zou Kaminskaja Kim misschien verteld hebben wat ze daar in de pauze achter haar had horen zeggen? Of is het via via bij Kim beland? Of is het toeval, dat beeld van die mitrailleur in die eerste regel? Hoe dan ook, het is een sterk lied. Hieronder de tekst, gevolgd door een ongepolijste vertaling (suggesties voor een betere zijn welkom).


1.Мороз трещит, как пулемет трещит над полем боя

2.И пять машин, как пять собак, рычат и жаждут крови

3.И добровольный опервзвод стоит уже конвоем

4.Им только б знак, а знак и так сорваться наготове

5.Тут за стеною ставит суд законы вне закона.

6.Корреспонденты в стороне внимательно-нейтральны

7.И горстка граждан жмется тут как зэки в центре зоны

8.Пришли за правду порадеть и крест принять опальный

9.На тыщу академиков и член-корреспондентов

10.На весь на образованный, культурный легион

11.Нашлась лишь эта горсточка больных интеллигентов

12.Вслух высказать, что думает здоровый миллион

13.Вон бывший зэк стоит себе ногой колотит ногу

14.И вон полковник КГБ ногой колотит ногу

15.Вон у студента у врача отец замерз на БАМе

16.А у того у стукача зарыт под Соловками

17.И вот стоят лицо в лицо, и суд не в поколеньях

18.Не сыновья против отцов, а сила против правды

19.Видать, опять пора решать, стоять ли на коленях

20.Иль в Соловки нам поспешать, иль в опер-лейтенанты

21.Ах, как узок круг этих революционеров

22.То-то так легко их окружили во дворе

23.И тоже вне народа, и тоже для примера

24.И дело происходит тоже в старом декабре


1. De vorst kraakt, als een mitrailleur boven het slagveld

2. En vijf auto’s, als vijf honden, grommen op bloed belust

3. En een vrijwilligerspeloton staat er al als konvooi

4. Ze behoeven slechts een teken, het teken kan ieder moment losvliegen

5. Hier achter de muur plaatst de rechtbank wetten buiten de wet

6. De correspondenten terzijde zijn aandachtig-neutraal

7. En een groepje burgers staat opeengehoopt, als gevangenen midden in een kamp8. Ze zijn gekomen om zich in te zetten voor de waarheid en het kruis van ongenade te ontvangen

9. Op duizenden leden en correspondent-leden van de Academie

10. Op het hele ontwikkelde en culturele legioen

11. Was slechts dit kleine groepje zieke intellectuelen bereid

12. Om hardop te zeggen wat het gezonde miljoen denkt

13. Daar staat een ex-gevangene met zijn voeten te stampen

14. En daar staat een luitenant-kolonel van de KGB met zijn voeten te stampen.

15. Van die student geneeskunde is de vader doodgevroren aan de BAM16. En die van die verklikker ligt begraven bij Solovki

17. En ze staan daar oog in oog, het is geen rechtszaak tussen generaties

18. Geen zonen tegen vaders, maar krachten tegen de waarheid

19. Kennelijk is weer de tijd gekomen om te besluiten: gaan we op de knieën,

20. Belanden we spoedig o

p Solovki of worden we opsporings-luitentant

21. Ach, hoe klein is de kring van deze revolutionairen

22. Wat hebben ze hen ook eenvoudig omsingeld op de binnenplaats

23. En ook los van het volk, en ook bij wijze van voorbeeld24. En het speelt zich ook af in de oude decembermaand

Regel 21 komt uit een artikel van Lenin en slaat op de opstand van de Dekabristen (1825). Regel 24 verwijst naar de oude jaartelling van voor de Revolutie. De dag van het proces zou volgens die kalender ook in dekabr / december zijn gevallen.

Advocaat Dina Kaminskaja - Peter R. de Vries is er niets bij

(Eerste publicatie: 21-1-2010)

Ik begon met enige aarzeling aan Записки адвоката (Aantekeningen van een advocaat) van Dina Kaminskaja, die in de jaren zestig en zeventig onder anderen de dissenten Vladimir Boekovski en Larisa Bogoraz verdedigde. Was dat niet een uitgekauwd onderwerp? Het Engelse origineel dateerde bovendien uit 1982…

Mijn aarzeling was snel verdwenen. Kaminskaja (1919-2006) begint haar boek met een ‘gewone’ strafzaak. Het blijkt een adembenemend verhaal dat bijna de helft van het boek beslaat. Het gaat om wat Дело Мальчиков zou gaan heten, de Zaak van de Jongens.

Op 17 juni 1965 wordt in het dorpje Izmalkovo, in de buurt van Moskou, de scholiere Marina Kostopravkina verkracht en vermoord. Het onderzoek loopt vast. Marina’s moeder en andere dorpelingen vragen enkele schrijvers in het nabijgelegen schrijversdorp Peredelkino om hulp. Ze kloppen aan bij Kornej Tsjoekovski – een grote naam in de Sovjetunie. De vermoorde Marina was een vaste bezoeker van de door hem opgerichte kinderbibliotheek. De schrijvers richten zich tot de hoogste partij-instanties en die verordonneren: de zaak moet worden opgelost.

Dat bevel leidt tot de arrestatie – een jaar na de moord - van de scholieren Sasja en Alik. Beiden bekennen schuld, maar trekken die verklaring later weer in. Kaminskaja neemt de verdediging van Sasja op zich en begrijpt al snel dat er van de hele aanklacht weinig klopt. Getuigenverklaringen zijn tegenstrijdig of aanwijsbaar onjuist. Ook de verklaringen van de twee jongens blijken niet te kunnen kloppen. Kaminskaja gaat het gevecht met de Sovjet-rechtspraak aan en weet Sasja (en daarmee ook Alik) uiteindelijk in derde instantie, na drie jaar voorarrest, vrij te krijgen.

Peter R. de Vries is er niets bij.

Hoe is het Sasja en Alik daarna vergaan? Kaminskaja schrijft (in 1982) dat Sasja in het dorp is blijven wonen, getrouwd is en een zoon heeft gekregen. Over Alik geen woord. Internet levert over beide jongens niets op. Het lijkt me een prachtige uitdaging voor een documentaire-maker. Ga met Kaminskaja’s verhaal in de hand naar Izmalkovo en praat met getuigen uit die tijd. Het dorp werd door de kwestie verscheurd, veel inwoners waren overtuigd van de schuld van de jongens.

Dina Kaminskaja werd in 1977 gedwongen de Sovjetunie te verlaten en vestigde zich in Amerika. Hier in het Engels een kort overzicht van haar leven. Haar boek Aantekeningen van een advocaat is hier (in het Russisch) te downloaden.

Schaken met stukken uit gevangenisbrood - vooraf betalen

(Eerste publicatie:  19-5-2009)

De schaakstukken hieronder zijn gemaakt van brood. Ik heb voor u het recept.

download.jpg

Neem liefst wit tarwebrood. Is dat niet voorradig, dan is bruin ook goed. Bij voorkeur deeg van matige kwaliteit, in elk geval zonder kunstmatige gistmiddelen. Er zijn twee manieren van bereiden:

1. Een snelle met minder goed resultaat: Broodkruimel kneden als klei. Suiker toevoegen (anders barst het bij het drogen). Hoe beter het brood, hoe meer suiker er nodig is. Eén à twee uur kneden, totdat de suikerkristallen zijn opgelost en je een gelijkmatige massa hebt. En daar maak je de schaakstukken van. Geen suiker in huis? Dan langer kneden en af en toe speeksel (geen water!) toevoegen.

2. Een langzame manier met een steviger resultaat: Giet kokend water (het liefst meteen al met suiker) op het broodkruimel. Zet weg op een warme plek, bij voorkeur enkele dagen, tot het zurig ruikt. De massa op een strak gehouden handdoek leggen, met een lepel het vocht er doorheen drukken, wat overblijft op plastic laten drogen. Heeft het spul de juiste stevigheid, dan kan je aan de slag.

Kleuren maak je met de as van verbrand papier en inkt uit balpennen. De voetstukjes zijn gewoon van hout.

images.jpg

U kunt het schaakspel aanschaffen via deze site, die volledig gewijd is aan het Russische kamp- en gevangeniswezen. De stukken van brood zijn namelijk gemaakt door gevangenen. Vandaar ook de kampkledij van de ‘zwarte’ pionnen. De ‘witte’ stukken zijn de bewakers. Prijs: 17.000 roebel (375 euro). Vooraf betalen … Maar het lijken me wel betrouwbare gasten.